GENEALOGIE VAN HET GESLACHT VAN OERS Sluiten       
Bijlage 06   -   Moord en brand in Brabant   1668 - 1802

Criminaliteit en geweld - zowel aanvallend als verdedigend - is altijd een verschijnsel in de samenleving geweest, nauw verwant aan de menselijke natuur.
De hypocrisie in dit maatschappelijk verschijnsel is, dat, indien het in de direct persoonlijke sfeer plaatsvindt, er sprake is van een strafbaar feit, terwijl indien dit collectief wordt gedaan, in geval van oorlog, het gelegaliseerd is en kan men er zelfs eervol voor worden onderscheiden.
Zelfs voor de kerk is er in het eerste geval sprake van "zonde", terwijl in de tweede situatie door de geestelijkheid "de wapens worden gezegend".
Wat dat betreft is er in de loop der eeuwen niet veel veranderd, het is alleen wat grover geworden.
Naast al deze opzettelijke doodsoorzaken, kwamen natuurlijk ook gewone dodelijke ongevallen voor, zoals verdrinken, doodgeschopt door een paard of overreden door een hooikar, auto - en vliegtuigongevallen alsmede drugs-moorden waren schaars in die tijd.
Daar genealogie over individuen gaat, wordt alleen een overzicht gegeven van de persoonlijke zaken. In het "Register van doodslag in Brabant sedert 1668" komen in totaal ruim 1650 gevallen voor van moord, zelfmoord, ongeluk, verdrinking, brand, enz in het gebied van de Generaliteit.
( Brabant en de Landen van Overmaze ).

In de verschillende kwartieren is vast gesteld, wat hun aandeel in het geheel is geweest.

Meierij van 's-Hertogenbosch
  - Stad en vrijheid van 's-Hertogenbosch
  - Kwartier van Kempenland
  - Kwartier van Peelland
  - Kwartier van Maasland
  - Kwartier van Oisterwijk
Grave en het Land van Cuyck
Baronie van Breda
Markiezaat van Bergen op Zoom
Landen van Overmaze
Buitengebieden
59%
5%
8%
18%
13%
15%
2%
14%
11%
12%
2%

De feitelijke gevallen zijn verdeeld als volgt :

MOORDEN
- ALGEMEEN
onder Algemeen zijn zaken opgenomen die beschreven staan als "vermoord",
vermoord gevonden, man - en doodslag en mishandelingen of verwondingen
waarop de dood volgde..
- DOODGESTOKEN
wapens : mes, knipmes, degen, sabel, beitel, riek, zeis, hooivork en bajonet
- DOODGESLAGEN
wapens : stok, knuppel, ketelhout, klomp, houweel, riek, schop, schapenvork
herdersstaf, dorsvlegel, gaffel, hartsvanger, ijzeren voorwerp, stoel, hamer,
bierkan, ijzeren blaaspijp, snaphaan en gewoon met de hand.
- DOODGESCHOTEN
wapens :kegelbol, pistool, snaphaan, en geweer
- OVERIGE GEVALLEN
hieronder : strot afgesneden, doodgetrapt, verdronken, onthoofd en onthand,
verbrand, vergiftigd, met een steen doodgegooid, gewurgd en doodgevallen

BIJZONDERE MOORDEN
- moord op pasgeboren kinderen
- moord op zwangere vrouwen
- zelfmoord : opgehangen, verdronken, strot afgesneden, doodgeschoten en vergiftigd

ONGELUKKEN
- hieronder vallen : verongelukt, verdronken, verbrand, verpletterd, dood -
geschoten (bij schuttersfeesten), doodgevallen, doodgestoken, doodgeslagen
(door paarden, molenrad of molenwiek), doodgegooid (met kegelbal),
doodgedrongen (tijdens markt) en twee ongelukken in de kolenmijnen van
Trembleur in het Land van Daalhem (1782 en 1784)

ONZEKERE GEVALLEN
- hieronder vallen : verdronken gevonden, gevonden met gebroken hals,
dood gevonden, overreden, een zwangere vrouw verdronken gevonden.

NATUURLIJKE DOODSOORZAKEN
- hieronder vallen : doodgevonden, hartvang, bevroren gevonden.

DREIG - EN BRANDBRIEVEN
- hieronder vallen : 198 chantage -, dreig - en brandbrieven, 24 gestichtte
branden waarbij 31 gebouwen zijn verbrand, 1 moordaanslag na een
dreigbrief en 1 brief waarin om vergiffenis wordt gevraagd voor het sturen
van een brandbrief.

REST
- hieronder vallen : 2 akten van visitatie en 4 gevallen waarbij alleen
gewonden zijn gevallen.

 
15,7%
 
 
 
33,3%
 
14,3%
 
 
 
8,3%
 
1,4%
 
 

3,5%
2,2%
0,4%
0,9%

6%
 
 
 
 
 

3,3%
 
 

0,4%
 

13,4%
 
 
 
 

0,4%
 
 

Als we lezen dat ' de jonge Thijs Cornelis Boeren uit Veghel in 1740 werd vermoord door een troep landlopers en moordenaars, waarvan er later een in 's-Hertogenbosch levend is geradbraakt , staat dat in flagrante tegenstelling tot de drugs-baron, welke in 1994 in zijn BMW op de A2 met een Uzi werd geliquideerd, terwijl de dader 4 maanden voorwaardelijk kreeg omdat hij ontoerekeningsvatbaar was.
Uit de Brabantse Leeuw, jaargang 27 nr.2 , door J.Melssen, onder de titel 'Moord en brand in Peelland"

" ONGEVALLE VAN EENEN DOOTSLACH EN HET ZOENGELD "

Tegenwoordig wordt, na de vervolging en eventuele berechting van de pleger van een misdrijf, het slachtoffer aan zijn lot overgelaten. Het betalen van smartegeld, middels een juridische procedure, komt in Nederland nog weinig voor.
In de middeleeuwen was het echter een normale zaak dat de nabestaanden van het slachtoffer, middels het ontvangen van ZOENGELD, enigermate schadeloos werden gesteld.

Wat waren dat zoal voor verplichtingen en betalingen, die de ' verzoening ' tussen de dader en zijn familie, die mede aansprakelijk werd gehouden, en de familie en nabestaanden van het slachtoffer tot stand moesten brengen en die aldus de BLOEDWRAAK verving.

Na een ruzie in een herberg ontstaat een steekpartij - een ieder droeg in die dagen een groot steekmes bij zich, waarbij een van de ruziemakers dodelijk wordt verwond en even daarna sterft.
In de rechtzaak waren aan de ene zijde een Schepen en twee advocaten, die "den misdadige" vertegen woordigen en aan de andere zijde twee familieleden plus vrienden en verwanten van het slachtoffer.
Elk van beide partijen benoemde drie " keersluyden ende paysmaker, om die zoene te traiteren ".
Het zijn deze zes die vervolgens de voorwaarden voor de verzoening vaststellen.

Om te beginnen dat die misdadige doet een ootmoedige voetgeval alhier in de kercke van Sinte Peters van Boextel, bloetshoeffs ende bervoets in zijnen lynnen clederen, met gevouwen handen, gelijck men dat gemeynlyken gewoenlick is te doen.

Daarna volgt de gebruikelijke verbanning van de dader. Hij moet drie jaar lang wegblijven uit Boxtel, Liempde en Vught en tien jaar lang uit Esch. Hij mag er enkel als gast verblijven, en als hij vrienden van de dode zou ontmoeten moet hij hen de wech schuwen.
Ook de bedevaartbepalingen volgen het gebruikelijke patroon. Hij moet 14 zoenguldens geven voor een bedevaart naar Sint Mathijs in Trier en 14 gulden voor een bedevaart naar het Heilige Bloed te Wilsternaken In plaats daarvan mag hij ook zelf ter bedevaart gaan. Bij deze tweemaal 14 gulden komt da nog een " spynde " ( ten behoeve van de armen ) van 12 zoenguldens en nog een som van 40 zoenguldens, die betaald mogen worden in drie termijnen van elk 27 gulden en 5 stuivers.

Dan zijn er nog een aantal bepalingen die meer rechtstreeks het belang van het slachtoffer beogen, zoals een wekelijkse mis gedurende een jaar, een kaars van drie pond voor het Heilige Sacrament te Boxtel en een twee pond voer Onser Vrouwen aldear, een gedachteniskruis van eikehout, twintig voet hoog en een voet in het vierkant, te plaatsen op aanwijzing van de nabestaanden, ten slotte nog XXV stuyvers voor een dartichsten een hondert cloestergewinnen, wat de opdracht inhoudt, om een uitkering aan een klooster te verrichten waarmee de dode posthuum in de broederschap wordt ingekocht en daarmee deelachtig wordt aan de geestelijke verdiensten van het klooster.

Slotbepaling : bij twijfel of meningsverschil over de uitvoering van de bepalingen beslissen de keersluyden, bij het overlijden van een hunner kunnen zij worden vervangen.
De zoenverplichtingen dienen te worden voldaan via een advocaat.

Met het tot stand komen van het zoenoffer was de dader echter nog niet automatisch ontslagen van rechtsvervolging. Hij moet daartoe nog remissie ( kwijtschelding ) verkrijgen van de Heer van Boxtel en een verklaring van de vader - of de zoon - of plaatsvervangend familielid - van de overledene, dat het zoengeld en de andere verplichtingen zijn betaald en nagekomen.

 
In deze omschrijving van het zoensoffer is er steeds sprake van geweest dat " het overlijden een gevolg was van een geweldadige ruzie waarbij het niet de opzet was geweest te doden ".
Ten gevolge hiervan is er ook geen rechtspraak geweest tegen de dader voor het "opzettelijk en met voorbedachte rade" doden van zijn slachtoffer, zoals dat bij moord wel het geval zou zijn.
Deze regeling van het zoenoffer kon lokaal in Esch worden geregeld.
Zou er sprake zijn geweest van moord, dan zou het proces in Boxtel of in Den Bosch plaatsgevonden hebben - waar wel eventueel de doodstraf kon worden uitgesproken.

www.geslacht-vanoers.nl